Serviceflats in Prins Kavelhof

herman lauwersherman lauwersIS HET NOG TOEGESTAAN TE TWIJFELEN aan mooie woorden?

De nv. Van Roey heeft in samenwerking met de participatiemaatschappij Zilver Avenue de erfpacht verworven. Van Roey bouwt, Zilver Avenue exploiteert (zoals ze bvb ook in Mortsel doet). Er komen 186 serviceflats, verspreid over een twaalftal blokken van verschillende hoogte en van 50, 70 en 100m² oppervlakte. Op de terreinen achter de oude St. Jozefkliniek bouwt “De Voorkempen” ook nog 60 sociale wooneenheden voor senioren. De concrete inplantingen en vormen moeten nog vastgelegd worden en dan vergund in bouwvergunningen.

Zijn wij daar tegen?
Neen, op zich is de formule een goede manier om noodzakelijke infrastructuur te realiseren met private middelen, terwijl de OCMW-gronden jaar

lijks opbrengen (276.633 euro). Het is ook goed dat er een mix van oppervlakte en prijzen is; door ook hogere gebouwen te voorzien (cfr. Vesalius) blijft er veel open (en publieke!) ruimte en de ligging maakt samenwerking mogelijk met Vesalius en/of klina voor crisiszorg, dagverpleging, warme maaltijden, …, …
Dit project heeft dus potentie.

Waarom onthielden we ons dan?
Sp.a-Spirit (SLP) meent dat er nog veel onzekerheid is over die samenwerking, maar vooral over de koop- en huurprijzen en over de toewijzing. Er wordt nagedacht over formules van aankoop van obligaties en over de oprichting van een financieringscoöperatie. Dat kunnen interessante formules zijn (te ingewikkeld om hier uit te leggen), maar veel hangt af van de voorwaarden, van wie kan kopen, enz. We menen dus geen garantie te hebben dat deze serviceflats in overgrote mate zullen toekomen aan Brasschatenaren met een gemiddeld middenklasse-inkomen. We menen dat de mix een echte mix moet zijn en dat dus het overgrote deel betaalbaar moet zijn voor mensen met een gemiddeld pensioen en/of een gemiddelde woning (die ze verkopen). Voor de luxe-serviceflats moet de private markt zelf instaan, zonder erfpacht van OCMW-gronden en met eigen randexploitatie (verpleging e.d.).

Het is die onzekerheid die ons deed beslissen ons te onthouden in OCMW en Gemeenteraad. De toekomst zal uitwijzen of dit wantrouwen terecht was of niet. Uiteraard was de politieke meerderheid overtuigd van “de goede zaak”, hoewel we betwijfelen of vele gemeenteraadsleden het dossier echt opgevolgd hebben. De erfpachtprocedure is voor zulke projecten immers een erg complexe aangelegenheid, die een grote beslissingsmacht legt bij het schepencollege en het bureau van het OCMW. Op onze vraag om een begeleidingscommissie op te starten waarin ook alle fracties één afgevaardigde hebben, kregen we geen antwoord.